Bij uw zoektocht naar informatie en op onze producten kunt u soms technische begrippen tegenkomen. Hieronder vindt u een verklaring van enkele veel voorkomende.
-
CO2-uitstoot
-
De uitstoot van kooldioxide. Deze stof ontstaat bij de verbranding van onder andere aardgas en is medeverantwoordelijk voor bijvoorbeeld het broeikaseffect.
-
Combiketel
-
Een combiketel is een cv-ketel die zorgt voor centrale verwarming én warmwatervoorziening.
-
Soloketel
-
Een soloketel is een cv-ketel uitsluitend bestemd voor centrale verwarming.
-
HR-ketel
-
Hoog Rendement cv-ketel. Wanneer minimaal 100% van de energie wordt omgezet in nuttige warmte, is er sprake van een Hoog Rendement. HR-toestellen kunnen meer dan honderd procent rendement halen, omdat ze warmte gebruiken uit de waterdamp die ontstaat bij de verbranding van aardgas.
-
VR-ketel
-
Verbeterd Rendement cv-ketel. Wanneer ca. 89% van de energie die een cv-ketel gebruikt wordt omgezet in nuttige warmte, is er sprake van een Verbeterd Rendement.
-
Gaskeurlabel CW
-
Dit is een Gaskeurmerk voor cv-ketels die voldoen aan een bepaalde norm voor warmwatervoorziening. CW staat voor Comfort Warmwater. De waarde achter CW (een getal tussen 1 en 6) staat voor het warmwater comfort. Hoe hoger de CW-klasse van de ketel, des te beter de prestaties op het gebied van warm water.
-
Gaskeurlabel HR 107
-
Gaskeurmerk dat aangeeft dat een toestel, dat in het bezit is van dit keurmerk, in de hoogste rendementsklasse valt (107%). Dit betekent dat het toestel energiezuinig is, hetgeen lagere energiekosten met zich meebrengt en milieuvriendelijker is.
-
Gaskeurlabel HRww
-
Hoog rendement warmwater. Dit houdt in dat een combiketel op een zuinige en efficiënte wijze warmwater produceert, zonder verspilling van energie en water.
-
Gaskeurlabel NZ
-
Naverwarming Zonneboiler. Gaskeurmerk voor cv-toestellen die geschikt zijn om als naverwarmer voor een zonneboilersysteem te dienen. Dit betekent dat wanneer het water door een zonneboiler onvoldoende verwarmt is, een ketel met dit label kan naverwarmen tot de gewenste temperatuur.
-
Gaskeurlabel SV
-
Schone Verbranding. Gaskeurmerk voor toestellen met een minimale uitstoot van milieuonvriendelijke stoffen.
-
Moduleren
-
Een modulerende thermostaat kan de capaciteit van de ketel op verschillende standen laten branden. Hierdoor wordt gezorgd voor een nauwkeurige temperatuurregeling en wordt de branderactiviteit van de ketel precies aangepast aan de warmtebehoefte.
Een modulerende regeling haalt zo meer rendement uit een laag vermogen van stoken. Daarnaast is het moduleren ook nog beter voor het milieu doordat er minder schadelijke stoffen worden uitgestoten.
-
NOx-uitstoot
-
Uitstoot van stikstofoxiden die bijvoorbeeld tijdens het verbrandingsproces van cv-ketels ontstaan en medeverantwoordelijk zijn voor het fenomeen ‘zure regen’. De brander in moderne cv-ketels minimaliseert de NOx-uitstoot zoveel mogelijk, waardoor het milieu minder wordt belast.
-
OpenTherm®
-
Is een standaard communicatieprotocol voor moduleren, als het ware de taal waarmee twee modulerende toestellen met elkaar communiceren. Dit betekent dat OpenTherm® producten (cv-toestellen en thermostaten) onderling met elkaar samen kunnen werken, hetgeen zorgt voor een accurate en energiezuinige regeling.
-
Rendement
-
Percentage dat weergeeft hoeveel bruikbare warmte de toegevoerde hoeveelheid energie (bijv. aardgas) oplevert.
-
Tapdrempel
-
Minimale hoeveelheid warm water die afgenomen moet worden om het cv-toestel in bedrijf te krijgen.
-
Temperatuurdip
-
Het gedurende korte tijd terugvallen van de warmwatertemperatuur tijdens de eerste warmwatertap.
-
Vermogen
-
De hoeveelheid energie (in kW) die het toestel moet kunnen leveren om één of meerdere ruimten te kunnen verwarmen. Wordt ook wel ketelcapaciteit genoemd.
-
Voorraadboiler
-
Een boiler, staand of aan de wand, met een bepaalde inhoud warm water dat constant op temperatuur gehouden wordt.
-
Warmtewisselaar
-
Ketelonderdeel dat dient voor de overdracht van de verbrandingswarmte aan het cv-water.
-
Weersafhankelijke regeling
-
Temperatuurregeling waarbij aan de hand van externe meetwaarden de binnentemperatuur wordt bepaald. Hierbij wordt een sensor aan de gevel van de woning bevestigd, die aan de thermostaat doorgeeft of het binnen koeler of warmer moet worden. De thermostaat communiceert de meetwaarden naar de cv-ketel.